17 mei 2012

Vernieuwen

Vernieuwen is een aantrekkelijk begrip, maar het heeft pas betekenis als je publiek hebt en zij je vernieuwing ook als nieuw ervaart.

Het is een aantrekkelijk begrip: vernieuwen. En tegelijk een lastig begrip om in praktijk te brengen. Want vernieuwen heeft pas zin als er publiek voor is. Of het nu om mode, vakanties, communicatie of politiek gaat. Een beetje op je zolderkamer nieuw zitten te wezen geeft individueel misschien voldoening maar het valt als een steen dood in het zand. En vernieuwen heeft ook echt pas betekenis als het publiek je resultaat als nieuw ervaart.

Nu is dat bij mode of vakanties niet zo een probleem. Een andere stijl of een nog niet aangeboden activiteit gelden makkelijk als nieuw. In communicatie zal de aandacht vooral uitgaan naar het middel, zie de opmars van sociale media. Dat wordt in ieder geval vaak als nieuw beleefd. Politici hebben het met het begrip erg moeilijk. Ze weten dat de kiezer dol is op de term. Vernieuwing met een realistisch plan en doel vermijdt te hoge verwachtingen en stappen richting ongewisse avonturen. Tegelijk doet het afbreuk aan de kracht van vernieuwing. Die bestaat er nu juist vaak uit dat je niet weet wat er losgemaakt wordt en hoe de afloop er uit zal zien. Het ligt aan de ervaren urgentie van de omstandigheden hoe kiezers kiezen.

De Grieken kozen voor een vernieuwing met een ongewisse afloop. Vooralsnog is het ontaard het in een situatie die vooral koersloos lijkt. En koersloos is per definitie kansloos. Nieuwe verkiezingen gaan eigenlijk over de vraag of men echte vernieuwing aan wil of toch terug kruipt naar de al bekende recepten en partijen. Een stem op de oude partijen is een stem op het receptuur dat vooral door Brussel en IMF is uitgewerkt. Een stem op nieuwe partijen, waarvan Syriza de tweede partij werd, is in ieder geval een afwijzing van de inmiddels bekende en verwenste receptuur. Syriza lijkt erop te gokken straks de grootste te worden en Brussel daarmee voor het blok te zetten. Net zo min als Luther anti-Rooms was, is Syriza anti-Europees. Ook al maken veel media die fout in hun berichten. Alexis Tsipras, de leider van de partij, wil alleen anders behandeld worden. Als de Europese regeringen straks alsnog de knieën buigen en hem tegemoet komen is de vernieuwing voor Syriza al geslaagd. Maar er zijn meer landen die ongemakkelijk in hun Europese zetel zitten. En waarom wel voor de Grieken buigen en voor anderen niet?

Buigen de Europese knieën niet dan lijkt Alexis Tsipras niet een plan B te hebben. Zeker als zijn partij twee verkiezingen zo kort na elkaar wint, pleegt hij grof verraad aan zijn kiezers als hij alsnog zou toegeven aan Brussel en IMF. Het zou de facto het einde van zijn partij zijn en zijn politieke loopbaan. Syriza zal dan dus de stap in het diepe moeten zetten en de eurozone verlaten. Dat is werkelijke vernieuwing, maar ook de meest ongewisse.

Tofik Dibi heeft met minder wanhopige omstandigheden te maken en koos een overzichtelijke variant van vernieuwing. Hij trekt aan een tak en schudt niet aan de boom. En binnen enkele weken weet hij de afloop. De vraag is of hij het ook zo heeft bedoeld. Had hij zijn kandidatuur ondersteund met het benoemen van enkele inhoudelijke verschillen, dan had hij de eerste schrik bij GroenLinksers nog kunnen overwinnen. GroenLinksers zijn wel machiavellistischer gaan denken over het verwerven van invloed, maar nog steeds erg ontvankelijk voor principes en koersdebatten. Daar had hij zijn vernieuwing op kunnen ankeren, maar heeft dat niet gedaan. Nu resteert enkel een vorm-verhaal en daar kom je binnen GroenLinks niet ver mee. De frustratie dat GroenLinks landelijk nooit de drempel van 10 zetels echt ruim weet te overschrijden wordt breed gedeeld, maar ook aansprekende leiders als Rosenmöller en Halsema (in haar laatste jaren), die inhoud en vorm goed wisten te combineren, is het niet gelukt. De roep tot vernieuwing van Dibi lijkt daarom vooral gebaseerd op een eigen onderbuikgevoel, en steunt niet op een analyse of sterke inhoudelijke overtuiging. Zijn vernieuwing is paradoxaal genoeg te weinig vernieuwend.

Hollande, de nieuw gekozen president van Frankrijk, staat ook voor vernieuwing. De vrije variant van Tripras had hem de nieuwe positie niet gebracht. Daar verschilt de situatie in Frankrijk te veel voor van die in Griekenland. En anders dan Dibi heeft Hollande ingehaakt op een ontwikkeling die al gaande was: het maken van een groeipact. Zijn vernieuwing is een rek- en strekoefening binnen kaders die er al zijn. Of hij de grenzen voldoende weet op te rekken, zodat de Fransen dit ook als vernieuwing beleven, is het ongewisse in zijn vernieuwing. Maar goed, daar heeft hij, als hij in juni een meerderheid in het parlement verwerft, ook nog enkele jaren de tijd voor.

Op 12 september zal ook blijken of en welke vernieuwing er in Nederland is gewenst. Want dat de politici vernieuwing beloven staat vast. De vernieuwing die de PVV beloofde twee jaar geleden is gestrand in het Catshuis. Komt er een vervolg met meer ongewisse gevolgen of kiezen Nederlanders voor andere vernieuwing? Bepalend zal zijn hoe kiezers het tijdsgewricht ervaren: als een uitzichtloze beklemming of een periode die kansen biedt tot vernieuwing. 

Voormalig wethouder voor GroenLinks in Utrecht.
Alle artikelen

Reactie toevoegen