Redactioneel: Nederland, Europa, de Wereld

Even voorbij Nederland ligt Europa. Een maand lang zorgde dat Europa voor een heftig debat. Maar even snel als die storm opstak, ging hij ook weer gaan liggen.

De hele kwestie werd na 1 juni razendsnel teruggebracht tot nationale proporties: het gat tussen politiek en burger. Heerlijk, we zijn weer onder ons. En dat referendum smaakt natuurlijk naar meer (ideetje voor dit najaar: bent u voor of tegen de evolutie?). De ‘eurocraten’ in Brussel mogen de rommel na de storm opruimen – de burger gaat even op vakantie, naar Frankrijk, Spanje, Griekenland en zelfs Turkije.

Het duiden van het nee, voor een flink deel afkomstig uit linkse hoek, is lastig. Er bestaat vrees voor verlies van zelfbeschikking en voor het kwijtraken van het eigene; dus moet de deur dicht. Maar het probleem is dat de muren om de deur heen al lang omgevallen zijn. Handel, concurrentie, milieuvervuiling, migratie, technologische ontwikkeling, het trekt zich allemaal niets aan van landsgrenzen. Juist om die reden is coördinatie en samenwerking gewenst. Hansje Brinker is zondermeer een held maar zou hij in zijn eentje de Chinese textiel-tsunami kunnen stoppen?

Nee-stemmers hameren op nationale besluitvorming, maar in een open economie als Europa leidt dat al snel tot concurrentie tussen landen, met bijbehorende ongewenste effecten. Zo verlagen nu allerlei landen hun winstbelasting om aantrekkelijk te zijn voor bedrijven. Nederland gaat nu hetzelfde doen. Dat beslissen we geheel op eigen houtje, maar daartoe gedwongen door het buitenland – is dat soeverein? De paradox is dat als we onze soevereiniteit willen behouden, we die moeten gaan delen. Daarom is ‘Europa’ in ons eigen belang.

Tegelijkertijd is ‘Europa’ ook een ideaal. Sinds de val van de Muur willen de bevrijde landen deel uitmaken van een regio van vrijheid, gelijkheid en welvaart. Ze vragen steun bij het versterken van economie, democratie en rechtstaat. Nu ook de Oekraïne. We moeten trots zijn dat we kunnen helpen en daar rijk genoeg voor zijn. Internationale solidariteit krijgt een nieuwe betekenis.

Voorbij Europa ligt de wereld. En ook de wereld kunnen we niet buiten de deur houden: klimaatverandering, terrorisme, armoede en de al genoemde Chinese textiel. Ook de wereld vereist coördinatie en dat gaat nog moeizamer dan in Europa. De Irak-oorlog stortte de internationale gemeenschap, met name de VN, in een diepe crisis. Inmiddels heeft Amerika ontdekt dat zelfs zij de boontjes niet in haar eentje kan doppen. Kofi Annan is nu met voorstellen gekomen voor vergaande hervormingen van het internationaal bestuur, waaronder vergroting van de Veiligheidsraad. Dat alles om effectief mondiaal beleid mogelijk te maken op terrein van armoe, milieu, ontwikkeling en veiligheid.

De plannen zullen de komende maanden de internationale discussie gaan bepalen. De heikele kwesties zijn ook hier de grenzen van de nationale soevereiniteit en de samenhang tussen eigenbelang en internationaal belang. In deze Helling gaan Karel van Kesteren, Martijn Dadema, Heikelien Verrijn Stuart en Bram van Ojik hierop in. De artikelen ‘over de wereld’ worden afgewisseld met korte verhalen ‘uit de wereld’.

Kofi Annans voorstellen zijn, gezien de titel: In larger freedom, en het motto: Responsibility to protect, minstens zo ambitieus als de Europese grondwet. De beslissing erover zal genomen worden op een grote VN-top in september door de 191 nationale staat- en regeringsleiders.

Beetje ondemocratisch eigenlijk. Ideetje voor een referendum?

Journalistiek onderzoeker.
Alle artikelen